P2P Fusion

From P2P Foundation
Jump to: navigation, search

P2P Fusion, [1] door Syb Groeneveld.

URL = http://www.kennisland.nl/nl/projecten/open-cultuur/P2P-Fusion.html.

P2P Fusion

Op 1 juni 2006 is P2P-FUSION van start gegaan. KL is een van de partners van dit Zesde Kaderprogramma (IST: Information Society Technologies) onderzoeksproject.

P2P-FUSION is een Europees Specific Targeted Research Project (STREP) van drie jaar waarin een open en efficiënt mediaplatform gecreëerd wordt voor creatief legaal hergebruik van audiovisuele werken. Binnen het systeem kan content geplaatst, gemixt, hergebruikt en gelinkt worden via een P2P (peer to peer) netwerk.

Het platform zal meervoudige semantische en sociale software toepassingen integreren waardoor het een aantrekkelijke omgeving wordt voor content communities. Recente studies tonen aan dat het gebruik van audiovisueel materiaal op internet de komende jaren enorm zal toenemen. Het P2P-FUSION project wil een bijdrage leveren om een aantal knelpunten in het hergebruik van audio- en videomateriaal op internet door middel van een P2P netwerk op te lossen en een sociale dimensie toe te voegen.

Het project omvat de volgende kern componenten:

   * P2P Mediaspace (gebaseerd op de Tribler software)
   * Ingebouwde licensering van bijvoorbeeld Creative Commons
   * Semantische laag die gebruikt maakt van de DiMaS technologie
   * Social processing (annotatie, beoordeling aanbevelingen, vertalen, collaboratieve productie)
   * Media applicaties en nieuwe ‘mediawijsheid’ content communities

P2P-Fusion werkt in de ontwikkeling samen met bestaande en nieuwe content communities. Zij worden het testpubliek van het P2P-Mediaplatform, maar spelen tevens een belangrijke rol in het design proces van de interface en de sociale software die ontwikkeld worden.

Het P2P-FUSION consortium bestaat uit zeven partners: Dit zijn het Hongaarse audiovisuele archief Neumann, Beeld en Geluid in Hilversum, Budapest University of Technology and Economics, KL, het Helsinki Institute for Information Technology, het Finse Media Lab, en de Technische Universiteit Delft.