Landgenoten

From P2P Foundation
Jump to: navigation, search

= Community Land Trust movement in the Flanders, Belgium, modeled after 'Terre des Liens' in France

URL = https://delandgenoten.be/

History

In Dutch

"Voor het prille begin van De Landgenoten moeten we terug naar 2009. De toenmalige voorzitter van het Franse biogrondfonds Terre de Liens, Sjoerd Wartena, gaf een presentatie van hun project in Antwerpen. Het succes van onze zuiderburen werkte zo inspirerend dat een aantal partijen het hoog tijd vonden om zoiets ook in Vlaanderen te realiseren. Organisaties als Wervel, Voedselteams, Landwijzer, Land-in-zicht (een lokaal biogrondfonds in Oost-Vlaanderen) en Triodos Fonds sprongen mee op de kar. “Van één ding waren we snel zeker,” aldus Geert. “We wilden de drieledige structuur waarmee ze in Frankrijk werkten, vertalen naar een Vlaams model.”Het project geraakte in een stroomversnelling toen de Vlaamse overheid ondersteuning aanbood aan nieuwe coöperatieve initiatieven. “Omdat we pas laat van de projectoproep op de hoogte waren, hadden we maar tien dagen om het project in te dienen, maar dankzij enkele hardwerkende vrijwilligers is dat gelukt.”

Het zogenaamde blauwdrukproject onderzocht hoe een Vlaams biogrondfonds er zou kunnen uitzien. Op dat moment stapte ook Tom Troonbeeckx mee in het project, CSA-boer van ’t Open Veld in Leuven en huidig voorzitter van de coöperatie De Landgenoten. Hij kwam vanuit het CSA-netwerk en had zijn eigen motivatie: “Ik zag hoe moeilijk mijn medestudenten bij Landwijzer of later de stagiairs op mijn bedrijf het hadden om grond te vinden. Ik heb er zelf veel geluk mee gehad, maar sommige mensen zoeken soms twee tot drie jaar naar een stuk grond om op te boeren. En grond hebben is eigenlijk niet genoeg: de toegang tot die grond moet ook duurzaam zijn. Het duurt 30 jaar om slechte grond opnieuw goed te maken. Het zou jammer zijn als al dat werk na 30 jaar gewoon naar de hoogstbiedende gaat.”

Na het blauwdrukproject draaide het project een hele tijd opnieuw op vrijwilligerswerk, vooral om financiële redenen. Tom: “Pas nadat de overheid eind 2013 een vervolgoproep deed, konden we weer op kruissnelheid verder. We kregen een half jaar de tijd om de coöperatie op te richten en eind april was dat een feit.”

Voorlopig bestaat alleen de coöperatie, maar ook de statuten voor de stichting liggen klaar en ideeën voor een vzw doen de ronde. Waarom precies, legt Geert uit: “In de eerste plaats omdat tijdens het blauwdrukproject is gebleken dat het gewoon een goede manier van werken is. Je hebt een orgaan nodig om investeringsgeld aan te trekken, in ons geval de coöperatie. Daarnaast moeten mensen de mogelijkheid krijgen om geld te schenken. Liefst zijn die schenkingen fiscaal aftrekbaar en daarvoor is een stichting een geschikt instrument. Stop dat schenkgeld in de coöperatie en je moet er belastingen op betalen. Bovendien is het niet opportuun om de aandeelhouders van de coöperatie geschonken geld te laten beheren.”

De vzw moet op zijn beurt voor de maatschappelijke dynamiek zorgen. Geert: “Een stichting en coöperatie zijn daar minder geschikt voor. Die eerste besteedt de geschonken middelen liefst zoveel mogelijk aan het eigenlijke doel in plaats van aan maatschappelijke actie en een coöperatie moet zelfbedruipend zijn. Dat kan nooit als ze ook een ledenblad moet uitgeven, infoavonden moet organiseren of infostandjes moet bemannen. Een vereniging is daar een veel beter instrument voor. De grote uitdaging is die drie structuren goed te laten samenwerken.” (https://delandgenoten.be/content/de-landgenoten-hoe-het-begon



Example

In Dutch

"Het eerste project van De Landgenoten is het Wijveld uit Destelbergen. Wanneer we dit schrijven is al meer dan 70 procent van het nodige kapitaal voor de aankoop van de grond ingezameld. Tom: “Een eerste project is altijd moeilijk, omdat het vertrouwen nog moet groeien. Het Wijveld is een fantastisch proefproject. De grondeigenaars zetten ons niet onder druk en we kennen de boeren goed.”

Voor De Landgenoten zijn er wel nog enkele hindernissen te nemen. Tom legt uit: “De huidige pachtwet is verouderd. Zo mag je als verpachter op veel plaatsen maar 250 euro per hectare vragen, wat veel te weinig is. Maar het grootste probleem is dat je juridisch niet kan afdwingen dat de grond biologisch bewerkt moet worden. Bij een conflict zullen we altijd de wet tegen hebben. Dat is een van de gevolgen van innovatie: je loopt altijd voor op de wetgever. Maar dat mag ons niet tegenhouden.”

Geert vult aan: “Met de nieuwe staatshervorming wordt de pachtwetgeving een Vlaamse bevoegdheid en het is nu al zeker dat die stevig herschreven zal worden. We hopen op een clausule om teeltvoorwaarden op te leggen en pleiten daar ook voor in onze contacten met de overheid. Op dit moment maken we gewoon goede afspraken met de boeren.” (https://delandgenoten.be/content/de-landgenoten-hoe-het-begon)